Gebruikerslogin

Boekvoorstelling 30/09/2018

Op 30 september stelden we ons Kollebloem boek voor in De Wattenfabriek in Herzele.

Omwille van de grote interesse in de teksten van die dag, hebben we ze hier allemaal verzameld.

Indien je de tekst verder wil verspreiden mag dit, met vermelding van de naam van de auteur en een link naar de website: www.kollebloem.be/boek

Veel leesplezier.


Welkom op de voorstelling van ons Kollebloem boek (Ruben Segers)

De Kollebloem in een boek, hoe is het zo ver kunnen komen?

Op een vergadering, samen met Jo en Annelies, 2 geëngageerde klanten en depothouders, kwamen we op het idee om een boek te maken. Het doel was om aandacht te vragen voor het vrijkopen van onze boerderij. We koesteren immers de droom om alle grond van onze boerderij vrij te kopen met schenkgeld. Het werd voor onszelf heel wat meer dan dat. Het werd een diepgaande terugblik op onze eigen ontwikkeling.

Op De Kollebloem zoeken we naar een mooie manier om gezonde voeding te telen. Een manier die evenwicht houdt tussen mens en natuur. We sluiten ons daarmee aan bij een internationale beweging van biodynamische boeren. 

Dit boek is als het ware een biografie van onze boerderij. Een verhaal over dat zoeken naar evenwicht. 

Het begon bij Leen en Antoine. Zij leerden elkaar kennen op een weekend, Dans Aan Zee. Boer en stadsmus vonden elkaar al dansend op het strand. Op zich was dit al genoeg geweest voor een boek, of een romantisch filmscript. Maar wij gaan een stapje verder.

Al snel wisten ze dat ze van elkaar hielden. Een boer krijg je niet van zijn veld, dus het duurde niet lang voor Leen wegtrok uit Antwerpen. En ik moest mee. Als klein ventje van 5 jaar oud. Van een kleine steeg in de grootste stad van Vlaanderen, naar een groene boerderij met weidse vergezichten. In een dorp genaamd Sint-Lievens-Esse in Herzele. 

Een van mijn vroegste herinneringen aan de boerderij gaat over de koeien. In die periode moesten we door de weide om naar het veld te gaan. Elektriciteitsdraad open doen. Laveren tussen de koeienvlaaien. En daar stonden ze dan, die enorm grote koeien. “Als je bang bent, klap dan in je handen”, was de raad die ik meegekregen had. Ik klapte in mijn kleuterhandjes en die grote beesten sprongen weg. Waw. Op de boerderij leerde ik ook andere nieuwe smaken kennen. Zo waren er de worteltjes met erwtjes van mémé, de moeder van Antoine. Gestoofd met een flinke portie suiker. Vergezeld van rosbief, een beetje taai, want mémé was spaarzaam op het goede, malse vlees. Ik was nog een klein ventje en kwam terecht in een spannende nieuwe wereld.

Antoine zette toen zijn eerste stappen in de biologische landbouw. Hij leerde de stiel door op alle manieren te zoeken: boeken lezen, gaan kijken bij anderen, proberen. Maar hij zette ook een van zijn sterkste wapens in, zijn aangenaam gezelschap. Van bij het begin bracht hij mensen bij elkaar. Om samen te zoeken en samen te werken aan het ideaal van een eerlijke landbouw voor producent, consument en natuur. Daarbij steeds zoekend naar een diepere laag tussen hemel en aarde. 

Boeren Doe Je Niet Alleen, het is de lijfspreuk geworden van Antoine. Maar zonder die eerste ontmoeting aan zee was Antoine er waarschijnlijk niet aan begonnen. 

De boerderij groeide, dankzij familie, vrienden, seizoensarbeiders, stagiairs, zoekers, durvers met veel idealisme, … Eens Leen en Antoine goed op gang waren, trokken ze de mensen mee naar die vernieuwende manier van landbouw. Niet alleen teelttechnisch, “bio”, maar ook “dynamisch”, van bij het begin.

Zo groeide de boerderij van een klein familiebedrijf naar een coöperatieve met 7 vaste medewerkers. De kleine boerderij groeide in hectares en afzet, de pakketten vormden een economische basis, de hoevewinkel breidde uit en de bed and breakfast maakte van de boerderij ook een plek om te genieten.

De ondertitel van ons boek is: de kracht van voedende landbouw. Wat zou dat betekenen? 

Jozien Vos, tot vorig jaar voorzitter van Stichting Demeter, het keurmerk voor biodynamische landbouw, vertelde ons eens een oud verhaal over de landbouw. Ze vertelde dat boeren de bewakers zijn van het mysterie van het leven. Zij zijn niet degenen die het mysterie kennen, dat waren de godinnen maar ze zijn er wel de behoeders van. Een belangrijke taak, want zonder de levenskracht valt alles stil. 

Al eeuwenlang geven boeren zo het leven door van generatie op generatie. Het zaad, het werk, de kennis, de ervaring, maar ook probeersels en nieuwe inzichten. Alles wat met het 'boeren' te maken heeft. Wat we vandaag eten is het einde van een eeuwenlange ketting van boerenlandbouw. Of beter gezegd, een eeuwenlange overdracht van boer naar boer. 

Die eeuwenoude kracht, die vind je terug in biodynamische voeding. Als boer staan we zo tussen de grond onder onze voeten en de hemel boven onze hoofden. Met achter ons de boer die de eeuwenoude kennis doorgeeft, aangevuld met zijn eigen ervaringen. En voor ons de akker, waar we verder het leven verzorgen.

Wij hebben het geluk om dit nu te mogen beleven. Zo gaan we op De Kollebloem wekelijks met de jonge ploeg op ronde met Antoine. We bespreken wat we zien, vragen ons af waarom het mosterdblad maar niet wil groeien, wat we kunnen doen aan de aardvlooien, of er een net over de prei moet tegen de mineervlieg, wat er op het aanbod moet voor de restaurants of de andere afnemers. 

Met dit boek nemen we jullie mee op deze wandeling.

Het is ook een uitnodiging om wat verder mee te stappen. Voor het vrijkopen van onze gronden kunnen we jullie hulp goed gebruiken. Daarover zal Koen jullie straks meer vertellen.

Na mij geef ik graag het woord aan onze burgemeester Johan Van Tittelboom, gevolgd door een muzikaal intermezzo van het Viktor Perdieus trio. Koen Dhoore van het bio opleidingscentrum Landwijzer zal jullie daarna meer vertellen over het belang van vrije grond. Het muzikaal trio komt dan nog eens terug voor een tweede intermezzo. Nadien leest Peter Cremers met zijn prachtige stem een paar passages voor uit het boek. We sluiten af met een dankwoord van Leen en Antoine. 

Om dat allemaal te verteren en na te praten nodigen we jullie aansluitend uit op de receptie in de foyer.

Ik wens jullie dan ook veel luister- en leesplezier.

Dankuwel.

Ruben Segers

Speech van de burgemeester van Herzele (Johan Van Tittelboom)

Goede en beste mensen,

Ik ga beginnen met een schuldbekentenis.  Ik heb niet echt groene vingers.

Voor iemand die het woord ‘boom’ in zijn familienaam draagt, is dit een confronterende vaststelling. Het is een beetje zoals die vegetariër die De Vleeschouwer heet.

Maar gelukkig ben ik wel burgemeester van een door en door groene gemeente. Eigenlijk moet je je best doen om hier niet in het groen te zitten. Herzele is één grote Groenlaan. 

Spreek mij maar tegen als ik u gewoon de namen van de straten noem: Bosstraat, Acacialaan, Beukenlaan, Dennenlaan, Eikboslaan, Kerselarenlaan, Kriekelaar, Lindestraat of Wilgenlaan.

Liefhebbers van groen met water (dat is dan blauwgroen zeker) kan ik verwijzen naar de Poelstraat, de Paddenhoek, de Vijverstraat of de Beeklaan. 

En wie graag nog dieper gaat, naar de Mollestraat. Ornithologen vinden hun gading in de ... wat denkt u …de Vogelenzangstraat !

We hebben een Bosstraat zei ik daarnet, maar ook een Bloemenstraat. Wie van bloemen houdt, kan naar de Azaleastraat, of de Begoniastraat, de Leliestraat, de Rozenlaan, de Irisstraat of de Tulpenstraat. 

Het is, dames en heren, nu alleen nog maar wachten op de …Kollebloemstraat. Eigenlijk zouden we dit perfect kunnen doen, zoals er straten genoemd zijn naar het station, de kerk, het kasteel, de pastorij. 

We zouden het kunnen, maar het is niet nodig. Iedereen ként immers de Kollebloem. Het is een begrip geworden.

Het boek dat wordt voorgesteld, illustreert hoe de Kollebloem stap voor stap geëvolueerd is, zowel in de hoogte, in de breedte, als in de diepte. De woordspeling ligt voor de hand, maar ik ga ze toch nog eens gebruiken: de Kollebloem is een volle bloem geworden, met een rijke smaakontwikkeling, kenmerkend voor groenten uit volle grond. 

Een boerderijwinkel, een sociaal-ecologische vzw, een vormingsplek, een stichting, een vakantieplek, maar ook nog steeds, en zelfs in essentie: een boerderij.

Groeien kan iedereen -ondertussen trouw blijven aan jezelf en aan een mens-en maatschappijbeeld, dat is een ander paar mouwen. Het vereist veel overleg, planning, creativiteit, innovatie, investeringen, afspraken. U goed laten omringen en adviseren, de juiste partners en de juiste prijzen -  het moet allemaal kloppen: ethisch, ecologisch, economisch. 

Belangrijk is ook dat je de inspiratie blijft vinden om verder te gaan. Anders geraak je vroeg of laat buiten adem. 

In de goede zin van het woord moet je ook veel aan netwerking doen. Activiteiten organiseren, feesten, open boerderijdagen, lezingen geven, zingen, rondleidingen op het erf, kookcursussen – het zijn allemaal borders rond de boerderij.

Zichtbaar zijn in het gemeenschapsleven… ‘Boeren doe je niet alleen’, is niet voor niets de slagzin van de Kollebloem. Je werkt niet voor je zelf, maar voor de gemeenschap, de lokale gemeenschap. Korte keten noemt men dit. Geen woord van de Hip en de Hype, maar gelukkig stilaan common sense aan het worden.  Deze week zijn trouwens de gemeentebesturen uit de regio samen geweest om afspraken te maken hoe we regionaal de korte keten kunnen verankeren in onze werking.

Dit alles uiteraard als kleine puzzlestukjes van het grote kader van de klimaatdoelstellingen, waar ook onze gemeente zich voor ingeschreven heeft. Letterlijk zelfs: de aanzet voor het klimaatplan van de dertien gemeenten van Zuid-Oost-Vlaanderen werd hier in deze Wattenfabriek ondertekend. Ik wil u terzijde ook wel eens meegeven dat naast het klimaatplan, de gemeente Herzele door de Vereniging van Vlaamse Steden en Gemeenten verkozen werd tot één van de twintig pilootgemeenten in het kader van de duurzame ontwikkelingsdoelstellingen. 

Er zijn driehonderd gemeenten in Vlaanderen.

Maar de Kollebloem staat in Herzele. 

Bedrijven zoals de Kollebloem staan symbool voor duurzame dynamiek, ze zijn erdoor gedefinieerd. Gelukkig hebben we in onze gemeente verschillende duurzame landbouwbedrijven en winkels, maar de grote verdienste van de Kolleboem is dat ze dit al zovele jaren doen. Ze hebben pionierswerk verricht, niet gewacht.

Pionier zijn vraagt een bepaalde onbuigzaamheid, maar dan van de zachte soort. Ik heb Antoine ooit eens omschreven als een zachte stijfkop, een eretitel voor mensen met een overtuiging. Mensen die iets van hun leven willen maken en beseffen dat als je geen achterloper wilt zijn, er maar één alternatief is: een voorloper zijn. En als bewijs van onze erkentelijkheid hiervoor en van het maatschappelijk belang, ga ik aan Antoine de Herzeelse pin opspelden. U weet dat er aan die pin een strikte procedure is gekoppeld: de pin is iets wat je niet kunt kopen, je kunt die alleen maar krijgen. En je kunt die alleen maar krijgen van de burgemeester. En die mag het alleen maar geven als je de pin echt verdient. En dat moet wordt bewezen door de applausmeter die ik nu ga in gang zetten en die nu volledig in het rood moet gaan !

Zo, Antoine, kom naar hier (na opspelden van de pin …).

Wie snel wil gaan, moet alleen gaan. Wie ver wil gaan, moet samen gaan. Het is een Afrikaans spreekwoord.  

Als ik het over samengaan heb, komt naast Antoine uiteraard ook Leen in zicht, de leading lady van de Kollebloem. Leen komt van de Kempen, heeft een tijdje in Zottegem gewerkt, maar is uiteindelijk terecht gekomen op de plek waar ze nodig was: op de Kollebloem, waar ze veel andere mensen heeft samengebracht: vrijwilligers, zorggasten, koorzangers, vakantiegangers, bestuursleden, leveranciers, klanten en sympathisanten.

Leen heeft talent voor empathie, maar ook ondernemingszin. Een bijzondere combinatie ! Niet te onderschatten, ik zou zelfs durven zeggen: Leentje, Leentje, zoals jij is er maar eentje :-). 

Wie succes heeft, dames en heren, heeft altijd volgers. Maar daarmee heb je nog geen toekomst, geen opvolgers. Om dit te kunnen beantwoorden, moest er iets gevonden worden wat nog niet gevonden was. Het werd het meest recente onderdeel van het project: de boerderij De Kollebloem omvormen tot ‘vrije grond’ en het beheer overdragen aan een nieuw team. Opnieuw een pioniersproject,. Het is een ‘circle of trust’, een groepspraktijk die zich rond Leen en Antoine heeft gevormd, en ik wil ze hier allemaal eens vernoemen:

  • Ruben: Huidige bedrijfsleider, medewerker op het land, medewerker in de administratie, springt in waar nodig en is luisterend oor voor alle vragen 
  • Manuel: voltijdse boer met bijzonder liefde voor zijn koeien
  • Raymond: Zaadmeester en beheerder van de bloementuin
  • Shari: verantwoordelijke voor de winkel, creatieve duizendpoot
  • Arne: Boer met passie
  • Lotte: medewerker op het land en joker bij allerhande activiteiten (Lotte kan alles en kan overal ingeschakeld worden)
  • Lindsay: Administratieve medewerker, verantwoordelijk voor pakketten, promo, werk af en toe mee op het land omdat ze het leuk vindt.
  • Wouter en Remi: zorggasten die meewerken in de bloementuin
  • Miriam: zorggast die verantwoordelijk is voor de afwas en het mooi vegen van de gemeenschappelijke ruimtes. 
  • Stefanie: Maakt de groentepakketten
  • Alphonse: vanuit zijn professionaliteit mee zorg dragend voor geheel van zorg en beleid
  • En tenslotte Koen: de coördinator van Landwijzer, die instaat voor de vorming van nieuwe boeren.

Ik wens ze allemaal veel moed toe om verder te doen, want boeren is niet eenvoudig, zelfs niet voor deze groene duivels.  Boeren is geen kinderspel. Maar zoals het met veel dingen in het leven is, is het niet de vraag of iets gemakkelijk of moeilijk is. 

De enige vraag die telt is, ‘is het de moeite waard’. 

Door hier allemaal zo talrijk aanwezig te zijn op een zondagmorgen, geeft u aan de Kollebloemers het antwoord dat ze nodig hebben en dat hen nog heel lang zal bijblijven: de voedende kracht van een warm applaus, dat oprechte waardering uitdrukt voor het verleden en succes wenst voor de toekomst.

Dus zeg ik, met boem en paukeslag:

Leve de Kollebloem, Leve Herzele 

De kracht van voedende grond (Koen Dhoore)

De kracht van voedende landbouw, zo luidt de ondertitel van het Kollebloemboek. Mijn verhaal vandaag gaat over de kracht van voedende grond. De weg die we zo dadelijk samen inslaan, heeft wat putten en kuilen, en hier en daar een scherpe bocht, maar we landen straks in elk geval wel op de grond.

Dit is een feestelijke dag, en het verschijnen van het Kollebloemboek een heuglijk feit. Er verschijnt niet elke dag een boek over de landbouw, en helemaal zeldzaam is een boek over de landbouw met een uitgesproken positieve en toekomstgerichte boodschap.

Dit toekomstgerichte verhaal staat in schril contrast met het algemene beeld van de landbouw vandaag. Daar wordt in al te voorzichtige woorden over gesproken : onze landbouw is tanend, onze landbouw heeft het moeilijk, het gaat niet goed met de landbouw. 

Maar we kunnen niet om de werkelijkheid heen : onze landbouw ziek, en het is geen kwaaltje van voorbijgaande aard, maar een diepgewortelde, chronische aandoening.

De voorbije decennia verdwenen in Vlaanderen jaarlijks vele honderden, en in sommige jaren zelfs enkele duizenden boerderijen, en de uitstroom gaat onverminderd door. De gemiddelde leeftijd van de landbouwbedrijfsleiders in ons land is een heel eind in de vijftig, een groot deel onder hen heeft geen opvolger en ziet geen toekomst meer voor hun bedrijf. 

Boeren die doorgaan, groeien zich kapot tot industriële bedrijven waar elke mensenmaat zoek is. Of ze ploeteren in stilte verder, onder torenhoge schulden, nadat ze alles wat ze bezitten hebben verpand.

De vragen die de samenleving en haar opiniemakers stellen over het dierenwelzijn in de industriële veehouderij zijn zeer terecht. Maar wanneer stelt iemand eens wat indringende vragen naar het boerenwelzijn ?

Waar zijn al die enthousiaste en idealistische boeren en boerinnen die in de voorbije decennia – toen nog jong en vol vuur - in de landbouw stapten ? De meesten hadden hun leven anders gedroomd, een droom van zorg voor plant, dier en mens, de droom om aan de mens te geven wat niemand maken kan : voedsel, landschap, ruimte en rust. Een droom van vrijheid.

Nu dobberen ze in stilte voort, vaak heel eenzaam, in een bedrijf dat te veel van hen vraagt en zo weinig voldoening geeft. Verknecht en overgeleverd aan een anonieme en veel te lange economische keten van toeleveringsbedrijven, verwerkers en handelaars, die hun inspanningen niet of nauwelijks waarderen.

Ze worden niet gezien. Tot de emmer overloopt, en ze bij een of andere actie dan toch door de media worden gezien. Steevast worden ze dan “boze boeren” genoemd …

Het kan raar klinken, maar ook voor deze eenzame, verknechte en miskende boeren en boerinnen is dit een feestelijke dag, en het verschijnen van het Kollebloemboek is ook voor hen een heuglijk feit.

Tegenover de eenzaamheid, de verknechting en de miskenning die in de geïndustrialiseerde landbouw schering en inslag zijn, stelt De Kollebloem het praktische, concrete en werkbare alternatief : de dorpsboerderij, ingebed in het landschap, waar klantgericht, klantondersteunend én klantgedragen wordt geleefd en gewerkt in gemeenschap.

Een voorbeeld dat aanstekelijk werkt, ook voor de meer dan honderd nieuwe bio-boeren die de voorbije jaren een nieuw bedrijf hebben opgestart.

Het is in al zijn diversiteit en rijkdom, maar ook in alle inspanningen en om-denken die dit van de Kollebloem heeft gevraagd, de blauwdruk van de toekomstige landbouw. De landbouw zoals hij altijd al, voor tijd en eeuwigheid bedoeld was, en die we vandaag in onze samenleving zo hard missen.

Dit oerbeeld, voorbeeld en toekomstbeeld van de landbouw is de vrije boerderij, waar de vrijheid van elk-een zich duizendvoudig ontplooit in de vrijheid van elk-ander.

En daar raken we aan het vraagstuk dat de Kollebloem deelt met elke andere boerderij, waar de Kollebloemers en de nieuwe boeren deelgenoten en tochtgenoten zijn van alle boeren en boerinnen : het beklemmende vraagstuk van de grond.

Hoe kunnen boerderijen en boeren vrij zijn, als de grond dat niet is ?

Altijd al trok de grond de scheidingslijn tussen heren en knechten. Maar duizend jaar lang – letterlijk duizend jaar, van het Capitulare de Villis van Karel de Grote in de achtste eeuw, tot helemaal in de late achttiende eeuw – zat er voor boeren de zekerheid in dat hun boerenerf ook door hun kinderen zou worden beboerd, en dat de pacht, de tienden en de hand- en spandiensten, hoe vaak ook verfoeid, al bij al een eerlijk systeem vormden.

Het keerpunt kwam ruim 200 jaar geleden. De Franse Revolutie bracht ons de idealen van de Verlichting – vrijheid, gelijkheid en broederlijkheid – maar de revolutie en haar navolgers trokken dwars door Europa een spoor van bloed en vernieling. 

Vele verworvenheden van onze hedendaagse maatschappij gaan terug op deze lichtende idealen, maar vooral de boeren hebben hier zwaar voor betaald. De gronden werden eerst genationaliseerd en vervolgens geprivatiseerd in handen van vooral nieuwe rijken, de tienden werden afgeschaft en het erfrecht bepaalde voortaan dat het grondbezit bij overlijden moest worden verdeeld onder de erfgenamen.

De gevolgen waren niet te overzien : de lang vergeten Boerenkrijg met meer dan 20.000 slachtoffers langs de boerenkant, de daarop volgende plattelandsvlucht van de onterfden, de meer dan 800.000 bedelaars halfweg de 19de eeuw, de strijd van het stedelijk proletariaat om simpelweg te overleven, …

Het zou tot ver in de 20ste eeuw duren vooraleer er verbetering zou komen in het lot van de onterfden. Voor wie niettegenstaande alles boer was gebleven, veranderde er bitter weinig. 

De grond bleef verkoopbaar en verdeelbaar privé-bezit, schaars en duur, met als logisch gevolg in de voorbije 50 jaar de constante rush van het productivisme naar de hoogste opbrengst tegen de laagste prijs. Grond kopen en verkopen is een lucratieve bezigheid, maar is zelden voor boeren weggelegd. De actuele prijzen van de landbouwgrond kan je met landbouwproducten onmogelijk terugverdienen, en de grond met winst verkopen kan al helemaal niet, want waar moet de volgende generatie dan ploegen, zaaien en oogsten ?

Hoe kan een boerderij zich daadwerkelijk richten op de klanten en “het dorp” – in de brede betekenis van  menselijke en natuurlijke omgeving – in een maatschappelijke context waarin grond louter een speculatief opbrengstgoed is ?

Hoe kunnen we – boeren, klanten en al wie zich met De Kollebloem verbonden weet - in de landbouw gemeenschap vormen, in gemeenschap zorg dragen voor elkaar, en in gemeenschap het land bebouwen, als dat land niet aan allen toebehoort ?

Hoe kunnen we in de ware geest van de biologisch-dynamische landbouw bouwen aan de bedrijfsindividualiteit, aan de diversiteit van het bodemleven en de echte kwaliteiten (meervoud!) van wat de aarde voortbrengt, als met elke generatiewissel op de boerderij deze idealen weer op de helling staan ? Tenzij een kapitaalkrachtige boer opduikt die er – in het beste geval - brood in ziet, maar het risico blijft dat hij er “iets anders” in ziet.

Een kapitaalkrachtige boer (M/V) is ook niet per definitie een goede boer. Een goede boer is de boer die zich met hart en ziel verbindt met wat bodem, plant, dier en mens vragen. Met wat dat wonderlijke levende wezen dat elke boerderij is, eigenlijk wil.

Om die reden werd in 2009 gestart met het vrijkopen van de gronden van De Kollebloem. Ongeveer de helft van het areaal werd ondertussen vrijgekocht en overgedragen aan de Stichting Land-in-Zicht die via sluitende en niet-eenzijdig opzegbare pachtcontracten de gronden voorgoed verankert in de biologische uitbating van de Kollebloem.

Hoe dat precies in zijn werk gaat, kan u uitgebreid lezen in het boek. 

We hebben nog een stevig eind te gaan, maar we gaan voor niets minder dan de vrijkoop van de hele boerderij.

Uitgerekend deze week verscheen in een toonaangevend weekblad een vraaggesprek met Leo Van Broeck, de Vlaamse bouwmeester. De man sprak hoogst verrassende woorden : “Grond is niemands eigendom, maar moet collectief beheerd worden. De aarde is onze moeder, en je eigen moeder verkavel je niet.”

Als een topambtenaar van de Vlaamse Overheid, verantwoordelijk om orde te scheppen in onze ruimtelijke wanordening, zich niet meer schaamt om de aarde ons aller moeder te noemen, dan mogen we denken dat de ploeg gekeerd is, om het maar eens in boerentaal te zeggen, en dat er, ook bij de overheid en breed-maatschappelijk, eindelijk licht valt op de zaak van de grond.

Ik ben het anderzijds ook niet helemaal eens met hem. Je moeder verkavel je inderdaad niet, maar niemand wil zijn moeder graag onder curatele. Je wenst je moeder helemaal vrij. En daarom is het belangrijk om, ook nu de kansen keren, het doel voor ogen te blijven houden, en eens en voorgoed het losgeld bijeen te brengen dat de aarde – al is het maar voor een klein stukje – helemaal vrijkoopt.

Daarvoor hebben we u allen nodig.

Koop het boek en lees het.

Koop een hele doos boeken, eindejaar – en dus cadeautjestijd - is in aantocht.

Spreek erover, niet alleen met de familie, maar letterlijk met Jan-en-alleman.

Lees vooral ook een paar keer het stukje van Luc Vandecasteele, heel spannend, geld heeft ook een warme kant. Open uw beurs en laat uw geld van zijn warme kant spreken.

Maar vooral : laat uw hart spreken. Soms is het een beetje zoeken, maar ik ken geen enkele mens van goede wil, die niet ergens, diep verscholen, ook een boerenhart heeft. Daar is het, op de Kollebloem of elders, in een schuur of op een wei, maar alleszins van boerenhart tot boerenhart, dat wij elkaar echt ontmoeten. En dan zal de aarde weer vrij en vruchtbaar zijn.

Koen Dhoore

Boekvoorstelling 30 september 2018 – dankwoord (Leen Verwimp en Antoine De Paepe)

Terwijl Antoine en ik, samen met onze jonge ploeg werken aan de overdracht van de boerderij, maken we een boek met als titel ‘ de kracht van voedende landbouw.’

Het boek is af, maar het verhaal is niet uit. Er wordt op veel fronten flink gewerkt aan de verdere ontwikkeling van ons project, aan de bewustmaking van wat biodynamische landbouw inhoud, aan de realisatie van biodynamische grond vrij kopen.

Wij realiseren ons dat wij tijdgenoten zijn, in een verwarmde, maar zich sterk ontwikkelde wereld. Wij zijn deel zijn van een wereldwijde beweging die de zintuigen wil scherpen en het bewustzijn wil aanmoedigen.

Dit is onze bijdrage.

 ‘wij schrijven niet om begrepen te worden, wij schrijven om te begrijpen’ uitspraak van Gabriele Rico,.

Het schrijven van dit boek brengt nieuwe gedachten, wakkerheid, spiegeling voor onszelf, nieuwe geboorte. Schrijven helpt ons te begrijpen waar we al die jaren mee bezig zijn. Het voedt en geeft helderheid. Met het bewustzijn over alles wat we tot nu toe doorstaan hebben, alles wat het leven ons  geleerd heeft, groeit de verwondering en het vertrouwen dat ook onze jonge mensen dit levenswerk kunnen vastpakken en een toekomst geven.

Hoe meer wij schrijven hoe meer we  begrijpen . 

Wij danken onze  jarenlange trouwe klanten. Zonder jullie  geen Kollebloem. Jullie zijn de mensen die ons dagelijks aanmoedigen om door te gaan. Jullie trots is ook de onze. 

Dank aan de mensen die ons steunden via de crowdfunding. Ons boek is financieel helemaal gedragen door mensen met een groot hart voor de Kollebloem.

Ook onze restauranthouders waren onmiddellijk enthousiast om hun steentje bij te dragen door het schenken van cadeaubonnen.

Onze schrijvers, en allen die on inspireerden om dit boek te realiseren verdienen een waardige dank van ons allemaal.

Graag schenken we vandaag enkele mensen heel persoonlijk een boek, een simpel gebaar om onze dank uit te drukken.

Onze burgemeester Johan Van Tittelboom, een burgervader die we graag succes toewensen!

Wij zijn dankbaar voor de aangename samenwerking die we hebben met de gemeente. Wat ons zorgproject betreft durven we oprecht zeggen dat we nergens een betere OCMW werking kennen als de onze.  Herzele is een warme gemeente met visie, en een gemotiveerd verantwoord beleid. Herzele telt trouwens drie bioboerderijen, een bioslager en tal van eerlijke handel projecten, veel groen en verscheidene bewustmakende initiatieven.  Herzele  leeft, ontwikkelt en verbindt . Dank burgemeester en uw bestuur voor de waardering en erkentelijkheid die wij als biodynamisch bedrijf van U mogen ontvangen.  

Wim de Bock, werkzaam als uitgever  bij Borgerhoff en Lamberigts  maar ook mijn neef , heeft ondanks het feit dat wij beslisten ons boek in eigen beheer te maken, ons ruimschoots bijgestaan van het begin tot spannende einde, als een strenge maar bijzondere zorgzame huisvader, 

Ook Wendy onze vormgeefster werkzaam bij dezelfde uitgeverij willen we danken, 

Het was voor ons een zegen jullie kennis en professionaliteit van zo nabij te mogen genieten.

Tekstschrijver Sven de Potter, 

Dank Voor jouw luisterend oor, jouw geduld en respect voor ieders verhaal. Jij hebt  op een aangename, verrassende wijze  onze verhalen neergepend. Dank Sven, het was een zeer deugddoende, blije samenwerking.

Fotograaf Quinten Vanderpoorten,  de wijze waarop jij onze boerderij met alles erop en eraan, onze mensen  in beeld gebracht hebt, is adembenemend. Jij maakt  het strelende oog wakker op de natuurlijke processen van groenten op het veld, tot op het bord. 

Van ’t begin tot einde, heerlijke samenwerking. Dankjewel!

Jo en Annelies,  klanten en depothouders, jullie verdienen een speciale waardering voor de aanzet tot de gedachte en  het grote werk voor de crowdfunding van het begin tot het einde. Het was een geslaagde actie. Jullie bereidheid tot ‘alle hulp waar ook…’ lijkt soms eindeloos, oprecht dikke merci!

Peter Creemers, dank voor uw bijdrage aan deze boekvoorstelling, we mochten  hier allemaal genieten van de schoonste stem van Vlaanderen,  we zijn trots dat jij dit voor ons wou doen.

Koen Dhoore

Dankjewel Koen voor uw jarenlange trouwe nabijheid en vaderlijke zorg voor de Kollebloem.

Een bedrijf als de Kollebloem heeft wijze  vaders en zorgzame moeders nodig, jij en al onze mensen van de doordenkgroep nemen deze taak al 10 jaar op zich met liefde en veel respect. Dank voor uw bijdrage ook hier weer hier  vandaag!

Onze Kollebloemen, Stefanie, Ruben, Manuel, Arne, Shari, Lotte, Lindsay, Alphonse, Raymond, Wouter, Remi, Myriam, Dirk, graag overhandigen wij jullie hier vooraan ons boek, als teken van dank voor jullie inzet, jullie idealisme en doorzetting. Wij zijn zeer trots op onze ploeg. Zonder jullie kunnen wij de boerderij niet loslaten, jullie ontwikkelen samen met  ons een  nieuwe vruchtbare toekomst mét visie.  

Graag nodigen wij jullie allemaal uit hier vooraan.

Walter Coens, Remi Verwimp,  

en al onze inspirators vanuit de hemel en op aarde

Dankjewel

Wij gaan voort, we gaan verder, de liefde tussen ons in;

Laten ons samen het glas heffen op deze dag!

Deze receptie wordt verzorgd door het OCMW van Herzele en geschonken door het gemeentebestuur waar voor dank.